Onder rijping verstaat men de ontwikkeling van het individu als een functie van de tijd, dat wil zeggen relatief onafhankelijk van omgeving, ervaring en oefening. Rijping refereert onder andere aan morfologische, fysiologische, biochemische en moleculaire veranderingen vanaf de bevruchting tot aan de dood.
Leren kan men in zijn algemeenheid definiëren als een verandering in het gedrag als gevolg van ervaring.
Rijping en leren beïnvloeden elkaar en het is moeilijk de specifieke bijdrage van elk te onderscheiden.
Het groeien van een kind is een rijpingsproces, maar hoe staat het met complexe motorische mechanismen als lopen, leren fietsen enzovoort. Als algemeen principe geldt dat rijping essentieel is voor het leerproces. Zo heeft het weinig zin met een kind het lopen te oefenen zolang de hiervoor noodzakelijke delen van het bewegingsapparaat (spieren, gewrichten, zenuwverzorging) nog niet rijp zijn.
|