Winkel

TENS TENS accesoires Acupunctuur Bekkenbodem trainer Voordeel combinatie Knuffel Voedingskussen

Toon alle producten
Bekijk Mandje
5 Producten,
205.30

Menu

Home
TENS huren of kopen
Wat is TENS?
Hoe werkt TENS?
Waarvoor gebruik je TENS?
TENS producten
Hoe gebruik ik TENS?
TENS ervaringen
Acupunctuur voor thuis
Waarom acupunctuur?
Acupunctuur en acupressuur
Bekkenbodem
Vergoeding verzekering
Brochure
Verloskundige
Video
Inloggen
Forum
Jongensnamen
Meisjesnamen
Vaak gestelde vragen
Zoeken
Contact
Locatie Tensbevalling
Site Map
Partners
Ander websites
Problemen met bestellen?

Alles voor jouw baby

logo.png

Alles weten over...

Mexicaanse griep zwangerschap
Inenten Mexicaanse griep
Vacinatie zwangerschap Mexicaanse griep
Zwanger
Bevallen
Miskraam
Baby
Groei en ontwikkeling
Rijping en leren
Mijlpalen
Het spreken
Cognitieve functies
Waarneming
Visuele waarneming
Begripsvorming
Tijdsbegrip
Ruimtebegrip
Sociale begrippen
Taalontwikkeling
Intelligentie
Ontwikkelingsstadia
4 weken
16 weken
28 weken
40 weken
1 jaar
15 maanden
18 maanden
21 maanden
2 jaar
SmartSell Stats 1.2.7 by SmartSell

Login





Wachtwoord vergeten?
Bent u een nieuwe klant? Registreer dan hier

Begripsvorming

PDF Afdrukken E-mail
Waarneming en begripsmatig denken zijn nauw met elkaar verbonden. Beide functies hebben een grote betekenis voor de wijze waarop de mens de wereld organiseert en herkent. Waarneming wordt beschouwd als de organisatie van eenvoudige zintuiglijke impressies. Begripsvorming heeft betrekking op het definiëren van kritische kenmerken die objecten of gebeurtenissen gemeen hebben of van elkaar doen verschillen.

Begrippen kunnen pas ontstaan tijdens het verwerven van de moedertaal.

Door een ding een naam te geven verklaren we impliciet dat het is als andere dingen die dezelfde naam dragen en anders is dan dingen die andere namen dragen. Door een object een bepaalde naam te geven duiden we aan dat we met dat object hetzelfde kunnen doen als met andere objecten die dezelfde naam hebben.
De eigenschappen van een bepaald begrip geven dus de wijze aan waarop ervaring georganiseerd wordt. Nadat een kind geleerd heeft welke naam bij een bepaald object hoort zal het op andere objecten met dezelfde naam op dezelfde manier reageren.

Dit wordt wel ‘verbale bemiddeling’ genoemd. Deze bemiddeling is zeer belangrijk voor het denken en oplossen van problemen. De eerste begrippen die een kind leert hebben een globale betekenis. ‘Poes’ betekent behalve poes ook hond, konijn enzovoort. Naarmate het kind meer woorden leert, treedt er een differentiatie op.
Leert het kind bijvoorbeeld het begrip ‘hond’, dan zal het een hond niet meer poes noemen. Het zal ook zien dat een hond anders is dan een poes. Met twee tot drie jaar zijn hond en poes elkaar uitsluitende begrippen.

Op deze leeftijd zijn begrippen nog steeds concreet, verbonden aan werkelijke objecten.
Pas wanneer een kind over kenmerken kan praten en denken, ze kan beschrijven, spreken we van echte begrippen. Echte begrippen verschijnen pas in de late kleuterjaren. De kleuter kan wel verschillen tussen objecten hanteren, maar nog geen overeenkomsten. Hij kan wel zeggen ‘honden blaffen, katten miauwen’, maar hij kan niet de gemeenschappelijke kenmerken (vier poten, vacht, enzovoort) uit verschillende concepten halen.

Categorieën van een hoger plan

De vaardigheid in het zien van overeenkomsten teneinde zo categorieën van een hoger plan te vormen, wordt pas tijdens de schooljaren bereikt. Tot de leeftijd van zes jaar worden de begrippen van een kind bepaald door zijn eigen ervaring. Daarna worden ze meer gedifferentieerd, scherper en logischer, een ontwikkeling die zich tot in de volwassenheid voortzet. Het kind van zes kan vele begrippen vormen die in wezen lijken op die van volwassenen, maar die door gebrek aan ervaring nog ‘verkeerd’ gebruikt worden.

Met betrekking tot hoeveelheden kennen twee- tot driejarigen de begrippen groter en kleiner, meer en minder en een meer dan een. Langzamerhand leert het kind twee, drie of vier objecten te benoemen. Met vijf jaar echter kan het nog niet abstract twee plVs drie optellen tot vijf. Hoeveelheidsnamen zijn nog gebonden aan concrete objecten.
Ook kwantitatieve noties als veel, weinig enzovoorts zijn door hun concreetheid sterk gebonden aan waarnemingskwaliteiten. Schuift men objecten dichter naar elkaar toe, dan zal het kind zeggen dat het er minder zijn dan eerst.
 
[ terug ]

Meer informatie

  • Groei en ontwikkeling
  • Rijping en leren
  • Mijlpalen
  • Het spreken
  • Cognitieve functies
  • Waarneming
  • Visuele waarneming
  • Begripsvorming
  • Tijdsbegrip
  • Ruimtebegrip
  • Sociale begrippen
  • Taalontwikkeling
  • Intelligentie
  • Ontwikkelingsstadia
  • 4 weken
  • 16 weken
  • 28 weken
  • 40 weken
  • 1 jaar
  • 15 maanden
  • 18 maanden
  • 21 maanden
  • 2 jaar
Joomla Featured Articles Module by DART Creations