Bevallen |
|
|
|
|
Een normale bevalling vindt plaats bij een zwangerschapsduur tussen de 38e en de 42e week. Het bevallen wordt ingezet doordat de baarmoeder zich begint samen te trekken (weeën) waardoor de baarmoedermond verandert (verstrijken en ontsluiten). Bevallen kan ook beginnen met het breken van de vliezen, waardoor het vruchtwater naar buiten stroomt. Als de vliezen hoog in de baarmoeder breken, kan het vruchtwater ook druppelsgewijs verloren worden. Daarna ontstaan de weeën. Soms komen de weeën niet op gang als de vliezen gebroken zijn. Meestal wordt de bevalling dan na 24-48 uur ingeleid i.v.m. infectiegevaar. BevallenEen kind is meestal levensvatbaar vanaf een zwangerschapsduur vanaf 26 weken. Dat betekent echter wel dat een kind nog heel kwetsbaar is en een flinke tijd in de couveuse verder moet groeien.Het begin van bevallenBevallen start normaal met één van de volgende kenmerken:- verlies van de slijmprop (tot 2 weken voor de bevalling) - breken van de vliezen - op gang komen van de weeën |




